De toekomst van de werkende mens

De razendsnelle ontwikkeling van computers en robots zal de arbeidsmarkt totaal veranderen. Dat biedt kansen, ook voor ondernemers, zegt Marjolein ten Hoonte van Randstad. “Het gaat om verbeeldingskracht en de vertaling naar je eigen bedrijf.”

Het hoofdkantoor van de Randstad Groep in Diemen is een schoolvoorbeeld van ‘het nieuwe werken’. Bezoekers hoeven niet meer te wachten tot een medewerker met een pasje ze komt ophalen. De hele begane grond is voor iedereen toegankelijk gemaakt. Net als medewerkers en klanten van het bedrijf, kunnen bezoekers er vergaderen, werken, koffiedrinken en lunchen. Een logisch gevolg van technologisering, vindt Marjolein ten Hoonte, directeur arbeidsmarkt en MVO bij het bedrijf. “Het maakt weliswaar niet meer uit waar je bent om te werken, maar de werkende mens wil wel graag anderen ontmoeten.”

De discussie over de toekomst van werk gaat vaak over dreiging. Over robots die banen overnemen en mensen die werkloos worden. Maar Ten Hoonte is geen doemdenker. Ze ziet liever de kansen die technologie ook meebrengt. “Oude beroepen gaan en nieuwe ontstaan, dat kennen we sinds de introductie van de stoommachine. Bijna niemand weet wat een growth hacker precies doet, maar een totaal nieuw beroep is het zeker.” Hoewel ze zelf graag naar kansen kijkt, ziet Ten Hoonte ook dat technologisering de maatschappij stress oplevert. Plotseling is een bedrijf niet meer alleen een gebouw in een straat met een voordeur, maar een platform met een algoritme en een chatbot, zoals Uber of Deliveroo. Technologie zet businessmodellen op zijn kop en draait processen om. In plaats van een product of een dienst te verkopen, zijn er bedrijven die proberen achter de kenmerken van een consument te komen door genereus te delen. Google biedt bijvoorbeeld gratis services aan. Met de data die het zo verkrijgt, kan het heel gericht iets aanbieden.

Nieuwe businessmodellen

Ten Hoonte vindt dat we moeten begrijpen hoe technologie ons kan helpen. Robots kunnen ook werk van ons overnemen dat we niet graag doen. Bovendien democratiseert technologie kansen, het doorbreekt de oude hiërarchie – jongere collega’s weten er vaak meer van – en het biedt tal van nieuwe kansen voor ondernemers. “Zo bekeken gaat de toekomst van werk niet om technologisering maar om de humanisering van de arbeidsmarkt”, zegt ze. Om kansen te zien en benutten, is het zaak dat ondernemers zich verdiepen in nieuwe technologieën en in wat deze voor hun organisatie kunnen betekenen, vervolgt ze. “Supercomputer Watson, ontwikkeld door IBM, kan snel veel juridische informatie verwerken. Dit kan het pleidooi van een advocaat beter maken. Tegelijk is het bedreigend voor het urenbedrijf dat hij runt. Hij moet zich dus afvragen: wat wordt mijn nieuwe businessmodel? Het gaat om verbeeldingskracht en de vertaling van technologie naar je eigen bedrijf.”

Transitie-adviseur

Ten Hoonte laat zich graag inspireren door vooraanstaande instituten en thought leaders. Zoals Andrew McAfee, onderzoeker bij de MIT Sloan School of Management. Hij bestudeert hoe informatietechnologie het bedrijfsleven verandert. In het boek The Second Machine Age beschrijft hij als de competenties van de toekomst: initiatieven en risico’s nemen, creatief denken, kansen creëren en benutten, samenwerken en communiceren. Ook de tips van Ten Hoonte klinken als een pleidooi voor het ondernemerschap. “Kijk goed om je heen wat er aan nieuwe technologie is, stel vragen, probeer het uit.” Uitsluitend denken vanuit concurrentie is volgens haar iets van de oude industrie. De nieuwe tijd vraagt ook om samenwerken, zoals gebeurt in innovatie-ecosystemen als Brainport Eindhoven. “Alleen door de krachten te bundelen en samen innovatieve ideeën te bedenken, kunnen kleine ondernemers tegenwicht bieden aan grote techbedrijven of platforms.” Als voorbeeld noemt ze netwerken van ondernemers in de bouw die zich afvragen wat het betekent dat halve huizen in fabrieken geprint gaan worden. “Het vraagstuk is simpelweg te groot om in je eentje op te lossen.”

En als je er niet uitkomt, raadt ze aan om iemand te zoeken die kan uitleggen hoe je kunt transformeren naar een nieuwe organisatie. “Een naam of functie heeft deze persoon nog niet – laten we het een transitie-adviseur noemen. Iemand die kan uitleggen dat je nu nog vrachtwagenchauffeurs nodig hebt, maar dat selfdriving eraan komt. Of dat het schildersbedrijf klanten met nieuwe technologie elke week een nieuw interieur kan geven.” Zo komt Ten Hoonte bij haar volgende tip: bouw nieuwe netwerken op. Ga op zoek naar de specialisten die weten wat er speelt. Het kan de branchevereniging zijn, de technische universiteit of de economic board. “De homogeniteit van bestaande netwerken kan je opbreken. Daar zou weleens te weinig kennis van het nieuwe en het echte innovatieve in kunnen zitten. Als ondernemer moet je je continu afvragen welke mensen je nodig hebt om te begrijpen hoe nieuwe technologie werkt en hoe je deze zo goed mogelijk kunt gebruiken.”

Opnieuw uitvinden

Waar bedrijven voorheen dertig jaar lang hetzelfde konden blijven doen, moeten ze zich nu steeds opnieuw uitvinden. Des te verbaasder was Ten Hoonte toen uit het Randstad Employer Brand Research (onderzoek naar de aantrekkelijkste werkgever van Nederland) bleek dat bijna de helft van de ondervraagde werknemers denkt dat tech geen invloed zal hebben op zijn of haar baan. “De enige reden die ik kan bedenken, is dat werknemers lange tijd zó weinig verantwoordelijk waren voor dit deel dat ze het nu voor zich uit schuiven en denken: ik hoor het wel.”

Nieuwe wederkerigheid

Hier ligt ook een verantwoordelijkheid voor werkgevers, vindt Ten Hoonte. Die moeten niet alleen stilstaan bij wat technologie voor het bedrijf betekent, maar ook nadenken over de consequenties voor werknemers. “Hoe houd je ze aangesloten bij de ontwikkelingen? Hoe houd je het uitdagend? Dat vraagt om een nieuwe vorm van werkgeverschap, die ik de nieuwe wederkerigheid noem.” Meer dan de huidige discussie over vaste of tijdelijke contracten gaat het over duurzame inzetbaarheid en het regelen van aanpassingsvermogen, volgens Ten Hoonte. “Werkgevers en werknemers zouden met elkaar in dialoog moeten gaan over hoe ze willen samenwerken. Over hoe een werknemer kan wonen, werken, zorgen, leren en zich ontwikkelen zonder dat hij zich zorgen hoeft te maken over een inkomen.” Opdrachten nemen de plaats in van banen, meent ze. “En werknemers hoppen van opdracht naar opdracht. Dat moeten we met elkaar goed organiseren.” Wat ze heeft zien gebeuren, is dat de oude, institutionele kaders degenen hebben beloond die stilzaten en op een plek bleven. In de nieuwe, veranderlijke tijd kan het nog steeds dat mensen ergens lang werken, maar ze moeten ook waardig kunnen weggaan zonder ontslag en werkeloosheid. “In een wederkerige arbeidsrelatie maakt de werkgever zich niet alleen druk over de baan, maar ook over transitie”, zegt ze. Voorlopig is het nog zo dat mensen inkomen en arbeid nodig hebben, lacht ze. “We kunnen nog niet leven van de lucht. De theorie van overvloed zegt dat het ooit gaat gebeuren, maar daar zijn we nog lang niet.

Dit artikel verscheen eerder in FUEL.

Deel dit artikel

Reageer op dit artikel